De terugval van Achilles ’29

Het kan verkeren. Zo speel je een degelijk seizoen in de Jupiler League en een paar jaar later sta je met veel problemen onderin de Derde Divisie te bungelen. Het waren jaren met veel ups en downs voor de club uit Groesbeek. Zo strijdde de zwart-witten uit Groesbeek in 2013 nog voor de algehele amateurtitel en nu in 2019 is de status van de club bijna 180 graden gedraaid. Wij spraken met 3 oud-spelers van de Groesbeekse club over de gloriejaren in het amateurvoetbal, de promotie naar de Jupiler League en de huidige status van de club.

Vanaf 2003, toen Achilles ’29 promoveerde naar de hoofdklasse, tot aan de promotie naar de Jupiler League, speelde de club altijd op het hoogste amateurniveau. Altijd eindigde de club in het bovenste gedeelte van de ranglijst en werd het zelfs 4 keer in 10 seizoenen kampioen van de competitie. In die jaren gingen een aantal profclubs ook de bietenbrug op in de beker. Zo gingen FC Volendam, RKC Waalwijk, Telstar en MVV uit het bekertoernooi door een ovewinning van Achilles ’29 en won PSV, met o.a. Depay, Strootman en Wijnaldum in de gelederen, maar nipt in Groesbeek. In 2013 maakte Achilles ’29 haar debuut in het betaalde voetbal. Na een teleurstellend openingsseizoen kende de club stap voor stap betere seizoenen, met als hoogtepunt de 15e plek in het seizoen 2015-2016. Een jaar later degradeerde de club en moest het een niveau lager in de Tweede Divisie gaan opnemen. Na een seizoen ontstonden er nieuwe problemen en gleed de club verder en verder weg. Inmiddels staat de club onderin de Derde Divisie en lonkt degradatie naar de hoofdklasse.

Gloriejaren


Dominique Scholten speelde twee seizoenen voor Achilles ’29 en maakte in die tijd veel mooie momenten mee, waaronder twee kampioenschappen en bekerstunts. De stap naar het betaald voetbal maakte Scholten echter niet mee, want de middenvelder verkaste naar de amateurs van Spakenburg. Wij spraken met Scholten over zijn twee topseizoenen in het shirt van de Groesbekers.

In de zomer van 2011 kwam Scholten over van FC Oss. De middenvelder koos na drie seizoenen FC Oss voor een avontuur in Groesbeek. Het laatste seizoen kwam Scholten uit in de Topklasse zondag, omdat FC Oss in het jaar ervoor degradeerde uit de Jupiler League. Met een kampioenschap nam Scholten afscheid in Oss en vervolgens flikte hij hetzelfde kunstje twee keer in Groesbeek. De tijd in Groesbeek zal hij niet zo snel meer gaan vergeten. ”Ik heb mijn tijd in Groesbeek ervaren als een erg plezierige en bijzondere tijd. We hadden een geweldige groep op het veld, maar ook zeker buiten het veld. Ik heb in die twee seizoenen maar liefst vijf prijzen gepakt, dat is natuurlijk uniek.” Eén van de hoogtepunten van Scholten was de strijd om de algehele landstitel voor amateurs. In het eerste seizoen van Scholten werd de algehele titel gepakt door Spakenburg te verslaan en in het tweede en tevens laatste seizoen was Katwijk over twee duels te sterk voor de Groesbekers. ”Dat waren de wedstrijden van het seizoen. Zeker de confrontaties tegen zaterdagclubs waren erg mooi, vooral omdat zij vaak over een grote achterban beschikken.”

Eén van die zaterdagclubs met een grote achterban is Spakenburg. Waar het grootste gedeelte van zijn teamgenoten de stap maakten naar het betaalde voetbal, verkaste Scholten na twee seizoenen naar Spakenburg om in de Topklasse zaterdag te spelen. ”Voordat bekend werd dat Achilles ’29 de Jupiler League inging, had ik mijn keuze al gemaakt. Spakenburg kwam voor de winterstop al bij mij en het leek me na twee seizoenen in Groesbeek een mooie uitdaging om voor Spakenburg te spelen.” Waar zijn teamgenoten dus naar clubs als Willem II, De Graafschap en FC Den Bosch mochten, reisde Scholten met zijn nieuwe teamgenoten af naar onder andere Hardenberg, Lisse en Sneek. Toch stond de middenvelder aan het einde van het seizoen met de schaal in de handen na het behalen van het kampioenschap in de Topklasse. ”Het is een totaal andere wereld. Meer supporters, meer media en meer sfeer rondom de wedstrijden. Kortom, het leeft bij een club als Spakenburg gewoon veel meer. Ik heb echt intens genoten van mijn tijd in Spakenburg en dan vooral van de sfeer die er hing rondom de wedstrijden.” Voor het avontuur bij Achilles ’29 speelde Scholten drie seizoenen bij FC Oss, waarvan twee in de Jupiler League. Het grootste gedeelte van zijn loopbaan kwam hij dus uit in het amateurvoetbal en heeft daar absoluut geen spijt van gehad. ”Bij thuiswedstrijden in Oss kwamen nooit zoveel mensen kijken en was de betrokkenheid in de regio minimaal. In het eerste seizoenen wonnen we een periodetitel en mochten we dus spelen voor promotie naar de Eredivisie aan het einde van het seizoen. Die periode was wel leuk qua ambiance. Zeker gezien mijn ervaringen in het zaterdagvoetbal met Spakenburg kies ik toch voor het amateurvoetbal ten opzichte van de sfeer bij FC Oss.”

Toch kwamen er regelmatig profclubs naar Groesbeek in de tijd dat Scholten onder contract stond. Was het niet voor een oefenpotje, dan was het wel voor een bekerwedstrijd. En tijdens de bekerwedstrijden kon het spoken op de Heikant. Zo werden Telstar en MVV achtereenvolgens verslagen en kregen de Groesbekers de naam ‘cupfighters’ toegewezen. ”Dat waren bijzondere wedstrijden. We waren zo gebrand om ons te laten zien. Telstar en MVV versloegen we in eigen huis om vervolgens voor de achtste finale in Nijmegen tegen NEC te spelen. Veel jongens uit de toenmalige selectie hadden een verleden bij NEC, waarvan ik er één was. Onze supporters gingen in grote getale op de fiets naar Nijmegen, het was daarom een bijzondere wedstrijd voor mij. Het jaar erop kwam PSV naar de Heikant. We kwamen voor, maar verloren helaas nipt met 2-3. Dat is ook een wedstrijd om niet te vergeten.” Welke wedstrijden Scholten ook niet gauw vergeet zijn de wedstrijden tegen De Treffers, de rivaal uit het dorp. ”De uitwedstrijd tegen De Treffers was de mooiste uitwedstrijd die ik heb gespeeld in het zwart-wit van Achilles ’29. Die wedstrijd leefde enorm. We waren zoveel sterker in die periode, maar we kregen al vroeg in de wedstrijd een rode kaart. Uiteindelijk scoorden we in de blessuretijd de 0-2 en het was een groot feest. Ik geloof dat de wedstrijd toen in het kermisweekend gespeeld werd, dus naar huis gaan zat er toen niet in”, lacht Scholten. ”De rivaliteit was wel aanwezig toen. Tussen de spelers onderling voelde je de rivaliteit, maar ook zeker in het dorp merkte je de spanning. De Treffers kon het ons niet echt lastig maken, dat zorgde ervoor dat de spanning wel iets wegnam.”

Waar het in de tijd van 30-jarige Scholten bijna alleen maar hosanna was, is dat nu niet het geval. Aankomende zomer is het zes jaar geleden dat Scholten vertrok uit Groesbeek, maar bij het betreden van sportpark de Heikant voelde het voor Scholten wel als thuiskomen. ”De band met de club en de supporters is na mijn vertrek prima gebleven. Ben ook nog een tijdje betrokken gebleven bij de jeugd van de club. Het laatste anderhalf jaar is dat toch wat minder geworden, mede door de perikelen rondom de club.” Mede door die perikelen is de club weggezakt naar de onderste regionen van de Derde Divisie. Na twee degradaties op rij lonkt er nu weer een degradatie, terwijl in de tijd van Scholten er juist alleen maar prijzen werden gepakt. ”Van een afstand vind ik het bijzonder jammer hoe het nu gaat. Het is een groot contrast met toen ik nog actief was als speler. Ze gaan van dieptepunt naar dieptepunt en er lijkt maar geen einde aan te komen. Persoonlijk vind ik het gedwongen vertrek van Thijs Hendriks het grootste dieptepunt, een echte clubman en één van de beste spelers allertijden van de club. Dat was voor mijn gevoel veelzeggend voor het verval van de club…”

Betaald voetbal


Twan Smits promoveerde in het seizoen 2012-2013 naar de Jupiler League met Achilles ’29. Na de succesjaren in het amateurvoetbal verloren de Groesbekers weer eens een keer vaker dan dat er gewonnen werd. In het eerste seizoen eindigde Achilles ’29 op de laatste plaats, maar toch kijkt de oud-middenvelder van de Groesbeekse amateurclub met een goed gevoel terug op het korte profavontuur van de club.

Toen Smits met Achilles ’29 de laatste wedstrijd van het seizoen speelde, was nog niet duidelijk dat de club ging promoveren naar het betaalde voetbal. Enkele weken na de laatste wedstrijd werd definitief bekendgemaakt dat Achilles ’29 ging debuteren in de Jupiler League. ”Ik kan me nog herinneren dat er na een uitwedstrijd tijdens het laatste seizoen in de topklasse in de bus werd voorgelegd dat de mogelijkheid bestond om te promoveren naar de Jupiler League. Omdat dat ons derde jaar topklasse was en we alles hadden gewonnen wat we konden winnen in het amateurvoetbal vond ik het een mooi idee. En volgens mij was iedereen enthousiast over de stap.” Toch veranderde er voor Smits niet heel veel, ondanks het niveau hoger. ”Ik heb 2 seizoenen met Achilles in de Jupiler League gespeeld en ik heb me nooit prof gevoeld. We trainden meestal 4x per week, maar dit was wel allemaal s ’avonds of in het weekend in de ochtend en konden daardoor (blijven) werken. Mijn maatschappelijke carrière heeft altijd op 1 gestaan en daarna pas kwam voetbal en dit veranderde ook niet toen we de Jupiler League in zijn gegaan. Deze instelling past niet bij profvoetbal en al helemaal niet bij een speler die qua kwaliteiten op z’n tenen moet lopen op dit niveau.”

Op zaterdag 3 augustus maakt Smits zijn debuut in het betaalde voetbal, net als Achilles ’29 zelf. Er werd met 2-2 gelijkgespeeld op bezoek bij FC Emmen. Na twee keer voor te hebben gestaan zorgde Wout Weghorst in de blessuretijd nog voor een gelijkspel. ”Onze voorbereiding op het eerste seizoen was rommelig en heel kort voor veel spelers. Een normale voorbereiding voor een dergelijk seizoen, en al helemaal op een niveau hoger, kost zeker 6 weken. Die tijd hadden we niet. We wisten pas vrij laat dat we definitief naar de Jupiler League zouden gaan. Hierdoor verschoof de start van de competitie naar 2 of 3 weken eerder en de voorbereiding ook. Hier had niemand rekening mee gehouden met betrekking tot vakanties en dergelijke. De club eiste, en terecht ook, niet van de spelers om dit ineens om te gooien. Dit had natuurlijk effect op deze wedstrijd en de wedstrijden daarna, want we kregen heel veel blessureleed. De eerste 15 minuten werden we totaal overlopen. Ik weet nog dat ik toen echt schrok van het niveau. Als je op tv of in het stadion op de tribune zit heb je toch een ander beeld van het tempo dan wanneer je er zelf in zit. Gedurende de wedstrijd herpakte we ons gelukkig en kwamen we (misschien onterecht) op 2-1 voorsprong. Door een kleine scheidsrechtelijke dwaling scoorde Emmen toch in de laatste minuten de gelijkmaker. Dan stap je toch tevreden van het veld en heb je het gevoel dat je terecht in de Jupiler League speelt.” In tegenstelling tot het spelen bij en tegen de amateurs kregen de spelers van Achilles ’29 nu te maken met grote stadions en veel (uit)supporters op sportpark de Heikant. In plaats van een wedstrijd in Lisse voor een paar honderd supporters, werd er gespeeld in stadions van Willem II, De Graafschap en Fortuna Sittard. ”Achilles is een kleine club. Deze club heeft een kleine, maar zeer trouwe en trotse achterban. Deze supporters die meegingen naar uitwedstrijden waren fatsoenlijke mensen die op een hele gezonde manier de club een warm hart toedragen. Het zijn er ook niet vaak meer dan 150 geweest volgens mij, maar door het gedrag en de open plekken op de hoofdtribune in de Jupiler League mochten deze mensen gelukkig zo nu en dan daar plaatsnemen. Het leek dat zij eerder vooral dankbaar waren dat ze bij zo’n wedstrijd aanwezig mochten zijn dan dat ze zich op een vervelende manier gingen uitten naar de Achilles spelers of tegenstander. En ja, dan zie je verschil met verschillende profclubs. Die hebben wel een harde kern en een grotere schare supporters. Maar ik heb daar persoonlijk nooit last van gehad. Ik ben wel altijd trots geweest dat supporters van andere clubs zich niet zomaar in een “gevangenis” voelde geplaatst bij Achilles en goed en gemoedelijk werden ontvangen in Groesbeek. Ook die supporters kregen ineens het gevoel van “zo kan het ook”.

Na het eerste seizoen, waarin Achilles ’29 als hekkensluiter eindigde, kreeg de club er een derby bij. Het ‘grote’ NEC degradeerde naar de Jupiler League en in Groesbeek kon zich men opmaken voor de derby. Voor Smits was dit één van de hoogtepunten in zijn tweejarige bestaan als profvoetballer. ”Een gevoel van trots. Het is toch het grote NEC. Er waren meer supporters bij de trainingen en bij de wedstrijd. Er waren aparte Achilles-vakken die je toejuichten en zongen. Dit speelde veel meer dan elke andere wedstrijd in de Jupiler League.” Het was echter niet de eerste keer dat Smits in actie kwam tegen de profs van NEC. In de beker kwamen beide ploegen elkaar ook al eens tegen. ”Ik heb zelf 3 jaar bij NEC gewerkt. In de 2e maand, toen Achilles nog Topklasse was en NEC Eredivisie, speelden we in de KNVB Beker in het Goffertstadion tegen NEC. Dat was voor mij heel bijzonder. Ik stond toen tegen Lasse Schöne, dat alleen al was een mooie ervaring. Ik weet nog goed dat ik die wedstrijden daarvoor op de tribune had gezeten en dacht dat Ryan Koolwijk traag in handelingssnelheid was en dat ik misschien door veel druk uitoefenen het hem moeilijk kon maken. Haha ik werd aan alle kanten voorbij gelopen en gespeeld. Hij omspeelde mij telkens op z’n dooie gemak en ik stond erbij en keek ernaar. Uiteindelijk hebben we die wedstrijd 3-0 verloren, wat ook 6-0 had kunnen zijn. In mijn 2e seizoen in de Jupiler League heb ik 1x tegen NEC gespeeld, dat was in het Goffertstadion. Op de Heikant heb ik de hele wedstrijd op de bank gezeten. Bij NEC begonnen we goed, erg opportunistisch en de eerste kans was voor ons. Vervolgens werden we na een kwartier totaal overlopen en verloren we uiteindelijk met 6-2. Ik ben een aantal keer betrokken geweest bij een tegendoelpunt. Verkeerde timing van instappen en doorstappen, iets waar ik normaal gesproken heel sterk in ben. Op amateurniveau dan, haha. Alles rondom de wedstrijd was mooi, de spanning, de media aandacht, de warming-up etc. en vanaf het moment dat de wedstrijd begon werd het ineens realiteit dat NEC toch een ‘stukkie’ beter was. Ook niet gek natuurlijk met o.a. spelers als Jahanbakhsh, van Eijden, Foor, Limbombe en Santos.” Naast het spelen van uitwedstrijden in grote stadions, veranderde voor Smits ook veel op de eigen Heikant. ”De uitsupporters waren in Groesbeek veel luidruchtiger en brachten meer sfeer tijdens de wedstrijd. In amateurwedstrijden, tenminste in het zondagvoetbal, wist je vaak niet eens welke supporters waar stonden, iedereen stond door elkaar heen. In het amateurvoetbal kwamen er geen hekken aan te pas, elke supporter kon op elk moment het veld op lopen. En dan zijn, voor een amateurvoetballer als ik, de uitwedstrijden in grote stadions als die van NEC, Willem II, de Graafschap en Roda JC wel heel bijzonder. 1 omdat het een stadion is en 2 vanwege de sfeer. Daar zijn toch altijd tientallen of honderden supporters die vaak zingen en juichen. Toch een droom van elke kleine jonge voetballer om een keer mee te maken.”

Na zijn korte periode in het betaalde voetbal, verkaste Smits naar De Treffers. De Treffers is de eeuwige rivaal van Achilles ’29 en in het dorp hing er een rivaliteit tussen beide kampen. ”De rivaliteit bij beide kampen zit best diep. Toch heb ik vanuit het Achilles ’29-kamp geen negatieve reacties gekregen, mede door de reden, want Achilles ’29 ging overdag trainen, dat kon ik niet combineren met werk en daarbij volgens mij ook omdat zij vanuit trots mij het gevoel gaven dat ik een stapje lager deed. Ik was het laatste jaar ook niet onomstreden bij Achilles, geen belangrijke speler meer, dus dan zien ze je ook makkelijker gaan.” Daarmee kwam er voor Smits een einde aan jarenlang dienstverband bij de Groesbeekse amateurs. In al die jaren maakte de middenvelder van alles mee en kijkt daarom ook met een goed gevoel terug op zijn tijd. ”Dé mooiste wedstrijd was de thuiswedstrijd tegen Spakenburg voor het algeheel landskampioenschap. Het was het laatste jaar met Eric Meijers. We waren volledig terecht kampioen van de zondagtopklasse en moesten in een tweestrijd uitmaken tegen Spakenburg wie landskampioen zou worden. Hét grote Spakenburg, uit de zaterdagcompetitie, met grote namen, die op een, zoals door velen zo benoemd, veel hoger niveau acteren dan de zondagclubs. De voorbereiding naar deze wedstrijd was top en de warming-up was scherp. Echt iedereen was gefocust. We speelden ze helemaal weg op een fantastische grasmat. We wonnen, volledig terecht, met 3-0. De uitwedstrijd wonnen we met 0-2, waardoor we uiteindelijk ook landskampioen werden.”

Clubheld

Thijs Hendriks, één van de bekendste spelers van Achilles ’29 in de laatste jaren, vertrok aan het einde van het seizoen 2016-2017 definitief bij de club. Het laatste halfjaar van dat seizoen speelde de aanvaller al op huurbasis voor de amateurs van Spakenburg. Het was een afscheid zoals hij die zich niet had voorgesteld. Op oudjaarsavond kreeg de aanvaller via een telefoongesprek te horen dat er de tweede seizoenshelft geen plek meer in de selectie voor hem was. Hendriks was verbaasd, verbijsterd en teleurgesteld en koos daarom om het zwart-witte shirt van Achilles ’29 niet meer aan te trekken en vertrok uit Groesbeek.

Hendriks kwam in 2005 over van NEC. Bij NEC kwam hij tot 4 officiële wedstrijden voor de hoofdmacht en kon na zijn vertrek uit Nijmegen rekenen op interesse van Fortuna Sittard en HFC Haarlem. Hendriks besloot niet in te gaan op die interesse en verkaste naar Groesbeek om te spelen voor de amateurs van Achilles ’29. Hij speelde in totaal 11,5 jaar voor de Groesbeekse club. In die 10 jaar verkaste de aanvaller geen enkele keer naar een andere club en werd steeds meer gezien als het gezicht van de club. Het begon voor Hendriks bij Achilles ’29 allemaal in de hoofdklasse C en het eindigde in de Jupiler League. Ondanks het treurige einde bij de club kijkt Hendriks terug op een mooie tijd in Groesbeek. ”Ik kijk terug op een goede en mooie tijd in Groesbeek. Het waren geweldige jaren in het amateurvoetbal, waarin we enorm veel prijzen hebben gewonnen. Daarnaast heb ik, op het laatste seizoen na, ook altijd met veel plezier voor Achilles ’29 gevoetbald.” Hendriks was jarenlang een bekend gezicht op de velden van sportpark de Heikant en viel op door de vele goals die hij maakte. De aanvaller groeide uit tot een publiekslieveling en de waardering was wederzijds. ”Dat ik veel doelpunten maakte had daar waarschijnlijk wel mee te maken, maar ook met het feit dat ik na de wedstrijden bleef hangen en met de supporters een biertje dronk. Dat de club zover is afgezakt vind ik vooral jammer voor de supporters. Met hen had ik altijd veel contact en een aantal spreek ik nu nog steeds regelmatig.”

Voordat Achilles ’29 haar debuut maakte in het betaalde voetbal kende de Groesbeekse club vooral hoogtepunten in de beker. Verschillende profclubs, zoals FC Volendam, MVV, Telstar en Heracles Almelo, sneuvelden in de beker op bezoek in Groesbeek. Ook kwam PSV, met onder andere Depay, Wijnaldum en Strootman in de gelederen, met de schrik vrij. ”Het kon echt spoken op de Heikant, vooral bij avondwedstrijden. We hebben jarenlang een vriendenteam gehad en waren daarnaast overtuigd van onze kwaliteiten, ook wanneer we tegen betaald voetbalclubs speelden.” De mooiste uitwedstrijd die Hendriks heeft gespeeld, was ook een bekerwedstrijd. Hij kijkt met een goed gevoel terug naar 11 november 2008, de dag dat Achilles ’29 stunt op bezoek bij RKC Waalwijk. ”RKC-uit voor de beker was echt bijzonder. We hadden enorm veel blessures en speelden tegen de ongeslagen koploper van de Jupiler League. De gehele wedstrijd werden we weggespeeld, maar onze keeper pakte vrijwel alles en we wonnen met 1-2 in Waalwijk. Ik maakte toen de twee goals voor Achilles ’29. Het was een bekerstunt, de eerste van nog velen die zouden volgen.”

Spelen tegen ploegen als RKC, FC Volendam en Telstar was destijds een droom, maar in de zomer van het seizoen 2013-2014 werd bekend dat de Groesbeekse club de Jupiler League mocht betreden. Het spelen tegen profclubs werd dus de normaalste zaak van de wereld voor Hendriks en zijn teamgenoten. Een stap waar Hendriks tevreden op terugkijkt. ”Na onze successen in het amateurvoetbal vond ik het mooi om me nog eens te meten met de profs. Zeker omdat ik er nog gewoon bij kon werken en we ‘maar’ 1 keer vaker gingen trainen. Het eerste jaar was lastig, want we eindigden onderaan in de competitie, maar in het tweede jaar speelden we een aantal geweldige wedstrijden. Zo wonnen we met 1-4 op bezoek bij RKC Waalwijk en wonnen we thuis met 3-0 van VVV Venlo. Ook wonnen we van Jong Ajax en Jong PSV. Het derde seizoen ging goed en we eindigden knap als 15e. Hoe de afloop van het laatste seizoen was, is bekend.” Hendriks reeg zijn doelpunten aaneen, maar na het korte avontuur in het betaald voetbal bij NEC, stapte Hendriks nooit het betaald voetbal in. Dat had volgens Hendriks een reden. ”Ik vond de combinatie tussen werken en voetbal op hoog amateurniveau een prima combinatie. Ik ben een liefhebber van het voetbal, maar 6 of 7 keer in de week trainen hoeft van mij niet. Er zijn meerdere dingen die ik goed kan en leuk vind.”

Het spelen voor Achilles ’29 in de Jupiler League had voor Hendriks ook zijn nadelen. Waar menig club in de Jupiler League gesteund werd door tientallen, dan wel niet honderden supporters, bleven de uitvakken van de Groesbeekse club vrijwel altijd leeg. De supporters van Achilles ’29 namen vaak plaats verspreid plaats op de hoofdtribune. ”Enerzijds was het mooi geweest om voor trouwe supportersschares te spelen, maar het leven van een profvoetballer is niet aan mij besteed. Nu heb ik me jarenlang maatschappelijk kunnen ontwikkelen, 2 HBO-diploma’s gehaald en inmiddels een eigen onderneming nu. Daarnaast heb ik meer dan 100 wedstrijden in het betaald voetbal gespeeld en veel prijzen gewonnen. Ik vind het prima zo.” Toch zaten er, zoals gezegd, vaak wel genoeg Achilles ’29-supporters, maar waren ze niet te herkennen tussen het thuispubliek. ”Bij amateurwedstrijden gingen er altijd veel supporters mee naar uitwedstrijden en we hebben ook echt steun aan ze gehad. Doordat ze verspreid in het stadion zaten, vielen ze in de Jupiler League niet zo op helaas.”

Het grootste gedeelte van zijn loopbaan kwam Hendriks dus uit voor Achilles ’29, maar dat had ook anders kunnen zijn als hij in was gegaan op een aanbieding van De Treffers, de rivaal van Achilles ’29. Het is een beetje hetzelfde als een Ajacied die naar Feyenoord verkast. Tot een definitieve overstap kwam het echter niet voor de aanvaller. ”Die overstap was toen bijna gemaakt, maar ik besloot er toch voor om bij Achilles te blijven. De rivaliteit was op dat moment groot, dus ik kreeg van beide kampen veel reacties. Als fysiotherapeut werk ik in een praktijk in Groesbeek. We hebben een samenwerking met De Treffers, dus ik spreek veel supporters. De rivaliteit is minder geworden. Ik heb het idee dat ook zij het jammer vinden dat Achilles zo is afgezakt. Het ziet er naar uit dat de derby niet snel meer plaats zal vinden.” Of de derby tussen Achilles ’29 en De Treffers gespeeld gaat worden is voor iedereen ongewis. Voorlopig lijkt het er dus niet op en dat vindt Hendriks jammer, vooral de manier hoe het gelopen is. ”Ik ben sinds mijn vertrek niet meer bij Achilles geweest. Dat er ruim 200 leden opgestapt zijn zegt genoeg. Veel mensen zijn bedonderd door een klein groepje mensen dat verantwoordelijk is voor de huidige situatie bij de club. Ik kijk met een geweldig gevoel terug op mijn Achilles-tijd, maar ik heb niks meer met de club die het nu is.”

Met zijn 33 jaar komt er hoogstwaarschijnlijk binnenkort een einde aan de voetballoopbaan van Thijs Hendriks. Een weg die via NEC, Achilles ’29, Spakenburg en DFS Opheusden eindigt in Malden. Momenteel vertoont hij zijn kunsten op de velden van eersteklasser Juliana ’31, de club waar hij begon met voetballen. Met die club staat hij momenteel eerste in de eerste klasse en lonkt promotie naar de hoofdklasse en dat na twee degradaties op rij. ”Ik ga bij Juliana ’31 mijn actieve loopbaan afsluiten. De kans is groot dat dat aan het einde van dit seizoen gebeurt. Als dat met het kampioenschap is dan zou dat een perfect afscheid zijn.”

Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *